12+1 Caravaggio’s in Rome

1. Jongen met Ram (San Giovanni Batista), 1602

Musei Capitolini

Over het algemeen wordt deze jongen aangeduid als Johannes De Doper. Dat was een favoriet onderwerp van Caravaggio. Een echt christelijke figuur is hij op dit schilderij echter niet, met de half liggende pose en het wulpse gezicht, eerder een Bacchus. De houding van de jongen doet daarbij denken aan de “Ignudi” van Michelangelo uit de Sixtijnse kapel.

2. Rust tijdens de vlucht naar Egypte (Riposo durante la Fuga in Egitto), 1595

Galleria Doria Pamphili

Een engel had Jozef in een droom gewaarschuwd voor de moordzuchtige Herodes, die erop uit was zijn pasgeboren zoon te doden. Het gezin vlucht hierop naar Egypte. Hier is het uitgebeeld terwijl het onderweg even rust houdt. Op de achtergrond kijkt de ezel toe. De muziekpartituur die Jozef vasthoudt bevat de eerste maten van het motet Quam pulchra es in 1519 gecomponeerd door de Vlaming Noel Bauldeweyn (±1480-1530)

Rust op de vlucht naar Egypte is een keerpunt in het werk van Caravaggio. Hij gaat nu van halve figuren naar volledige lichamen, en tekent zijn eerste echt verhalende schilderij. Het ziet er niet uit als een typische Caravaggio, met het landschap en nog geen chiaroscuro is dit een ongewoon werk.

3. De waarzegster (La Buona Ventura), 1595

Musei Capitolini

De waarzegster stelt voor de hand van de jongeman te lezen, terwijl ze ondertussen de ring van zijn vinger schuift. Volgens de legende zou Caravaggio een zigeunerin van de straat hebben binnengeroepen om model te staan. Dat past helemaal bij zijn imago van eigenzinnige recalcitrant die liever omgaat met het tuig van de richel dan met zijn edele opdrachtgevers.

Karel Van Mander (https://www.dbnl.org/tekst/mand001schi01_01/mand001schi01_01_0177.php) beschreef hem aldus: “Daar is ook een Michael Agnolo van Caravaggio, die te Rome wonderlijke dingen doet. Hij is ook uit armoede opgeklommen door vlijt, kloek en stoutmoedig alles aanvattend, gelijk zij die ombeschroomd voortdoen en hun voordeel zoeken op eerlijke en betamelijke wijze. Dezen Michael Agnolo heeft met zijn werken groot gerucht, eer, en naam gekregen. Nu is er naast dit koren ook weer het kaf, dat hij zich niet gestaag ter studie begeeft, maar na een veertien dagen te hebben gewerkt, gaat hij twee dagen of een maand wandelen, met een rapier aan de zijde, met een knecht achter hem, van de ene kaatsbaan naar de andere, zeer geneigd te vechten, zo dat het moeilijk met hem om te gaan is.

4. De graflegging van Christus, 1602-1606

Pinacoteca Vaticana

De graflegging van Christus werd door zijn tijdgenoten beschouwd als zijn beste werk.

In dit schilderij wordt duidelijk wat een radicale vernieuwer Caravaggio is; de eerste om licht en schaduw te gebruiken om ons de dingen te tonen zoals ze zijn. Niet alleen de “peintre maudit” maar een waar genie.

De poëzie van de pieta van Michelangelo wordt hier vervangen door een intense realisme: het is een zwaar lijk dat lastig is te dragen, dat Nicodemus met al zijn kracht moet ondersteunen. Overal komen handen en voeten uit het duister.

5. Johannes De Doper, 1610

Galleria Borghese

Deze Johannes de Doper wordt beschouwd als een van de laatste schilderijen van de meester. Hij werkte aan de creatie ervan terwijl hij tegelijkertijd Salome schilderde met het hoofd van Johannes de Doper. Ook van dit werk wordt gezegd dat de schilder op weg naar Rome het werk meenam in de hoop het cadeau te doen aan kardinaal Scipione Borghese, als een teken van dankbaarheid voor het vragen van een pauselijk gratiebesluit (zie nr. 12, David met het hoofd van Goliath).

Vergelijk de droefheid van dit werk met de opgewekte stemming en erotische vrolijkheid van Jongen met Ram uit 1602.

6. Jongen met fruitmand, 1595

Galleria Borghese

Dit werk dateert uit de periode waarin Michelangelo Merisi werkte in het atelier van Giuseppe Cesari, oftwel de ‘Cavalier d’Arpino’. Hij werd daar aangeworven om bloemen en vruchten te schilderen. Het doek is afkomstig van de groep werken die in 1607 in beslag werden genomen bij Giuseppe Cesari, door de afgezanten van Paulus V beschuldigd van illegaal vuurwapenbezit. Om zijn vrijlating te verkrijgen, werd Cesari gedwongen zijn schilderijen te schenken aan de paus, die ze kort daarna weer schonk aan zijn neef Scipione Borghese, vermoedelijk het brein achter de hele opzet.

Caravaggio aanvaardde niet de traditionele hiërarchie van onderwerpen in de schilderkunst:

Tanta manifattura è fare un quadro buono di fiori come di figure”, of Meesterschap zit zowel in de bloemen als in de figuren.

7. Zieke Bacchus (Bacchino malato), 1594

Galleria Borghese

Dit zelfportret werk dateert uit Caravaggio’s eerste jaren in Rome toen hij in het midden van 1592 vanuit zijn geboortestad Milaan naar de Eeuwige Stad verhuisde. Volgens historici was de kunstenaar in die periode ziek en bracht hij zes maanden door in het ziekenhuis van Santa Maria della Consolazione. De verkleurde huid en het vergeelde oogwit duiden op malaria.

8. Madonna met de slang (Madonna dei Palafreneiri), 1606

Galleria Borghese

Dit werk werd gemaakt in opdracht van het machtige Aartsbroederschap van de Pauselijke Parafreneiri, bedoeld voor hun kapel in de nieuwe Sint-Pietersbasiliek in het Vaticaan. Het werk werd echter geweigerd door het broederschap. Bepaalde aspecten vonden zij maar moeilijk te verteren; het volledig naakte Kind en een gewone madonna met een gezicht dat bekend is in Rome, dat van het model en minnares Maddalena Antognetti (bekend als Lena). Maar vooral de afstandelijke, gelaten houding van Sint Anna, die de patrones was van de Palafrenieri. Het beeld kon nog voor meer conflicten zorgen na het dispuut tussen katholieken en protestanten over een andere interpretatie van de Bijbel over het moment waarop Maria met haar voet de kop van de slang verplettert. Volgens de katholieken moet het Maria zijn geweest die het kwaad, gepersonifieerd door de slangen, verpletterde; volgens de protestanten was het in plaats daarvan Jezus. Is het daarom dat ze hier beiden hun voet op de slangenkop zetten?

In ieder geval was het weer Scipione Borghese die het best af was: aan hem werd het schilderij verkocht.

9. Hiëronymus in zijn studeervertrek (San Girolamo scrivente), 1605

Galleria Borghese

Hiëronymus van Stridon is een van de vier grote kerkvaders van de katholieke kerk. Tussen 390 en 405 maakte hij een Bijbelvertaling in het alledaagse Latijn (sermo humilis): de Vulgaat. Hiëronymus werd in de dagen voor de Reformatie afgebeeld met een leeuw en een kardinaalshoed, meestal als boeteling in de woestijn. Caravaggio schildert een magere oudere man, die nadenkt over de vertaling van de Bijbel, terwijl zijn rechterhand klaar is om te schrijven. De harde verlichting onderstreept de spieren van zijn vermoeide armen en de parallel tussen zijn benige hoofd en schedel – een man is geboren om te sterven, maar het Woord van God leeft voor altijd. Tijdens het Concilie van Trente (1545-1563), ruim 1100 jaar later, verklaarde de Katholieke Kerk de vertaling van Hiëronymus tot de enige gezaghebbende tekst. Hij was een machtige bondgenoot tegen moderne ketters die de cultus van de heiligen aanvielen, en het pausdom als de “hoer van Babylon” beschouwden. Het is passend dat juist kardinaal Scipione Borghese dit schilderij kocht – volledig volgens het klassieke patroon van pauselijk nepotisme oefende kardinaal Borghese een enorme macht uit als secretaris van de paus en effectief hoofd van de Vaticaanse regering. In zijn eentje en namens de paus vergaarde hij een enorm fortuin door pauselijke vergoedingen en belastingen, en verwierf hij enorme landbezittingen voor de familie Borghese.

10. Contarelli kapel in San Luigi dei Francesi

De Contarellikapel (naar de Franse kardinaal Mathieu Contrel) in de kerk San Luigi dei Francesi bevat 3 werken over Mattheüs: de roeping van Mattheüs; het martelaarsschap van Mattheüs en Mattheüs en de engel. Je kan de werken alleen zien door de spijlen van het hekwerk, en nadat je een euro in de box hebt gestoken om de verlichting aan te zetten.

Mattheüs was naar eigen zeggen een tollenaar die door Jezus tot apostel werd geroepen. Tollenaren waren in die tijd beambten die belasting inden voor de Romeinen, vaak gebruik makend van geweld en afpersing. In de beeldende kunst wordt Mattheüs dan ook vaak afgebeeld met een zwaard of een bijl. Tollenaars stonden in laag aanzien, hetgeen de verwondering verklaart over de uitverkiezing door Jezus.

La vocazione di San Matteo (1600)

Mattheus zit met enkele gewapende mannen in de kroeg. Hij wijst vragend op zichzelf terwijl hij aan de rechterkant benaderd wordt door Christus en Petrus. De kloof tussen de twee groepen wordt overbrugd door de hand die Christus uitsteekt naar Mattheus. Net zoals bij “Jongen met Ram” lijkt de hand een duidelijke verwijzing naar Michelangelo.

Dit schilderij is het eerste werk waarin alle kenmerken van Caravaggio’s volwassen stijl voorkomen: het ver doorgevoerde realisme, de niet-geïdealiseerde personen en het felle strijklicht tegen een donkere achtergrond.

San Matteo e l’angelo (1602)

San Matteo e l’angelo

Het middelste schilderij toont Mattheüs als evangelist: de engel zweeft boven hem en geeft hem de goddelijke boodschap. In tegenstelling tot de andere evangelisten heeft Mattheüs geen dier maar een mens als attribuut. Dat is omdat zijn evangelie begint met een opsomming van vaders en zonen, de stamboom van Jezus.

Il martirio di San Matteo

Rechts zie je het martelaarsschap van Mattheüs. Volgens een legende werd de apostel Mattheüs vermoord in een kerk in Ethiopië, omdat hij de plaatselijke machthebber tot last was geweest. Caravaggio toont hier het moment vlak voor de moord. De schaars geklede mannen op de voorgrond wachtten wellicht op hun doop. Links een groepje geschrokken kijkers in 16e-eeuwse kleding. De man achter het groepje, die zich omdraait om te zien wat er aan de hand is, is waarschijnlijk de meester zelf.

De houding van de figuren, het spel met donker en licht, de dreiging van de man met het zwaard en de circulaire compositie maken dit schilderij tot een werk waar buitengewoon veel dynamiek uit spreekt.

11. De berouwvolle Magdalena (Maddalena Penitente), 1597

Galleria Doria Pamphili

De boetvaardige zondares Maria Magdalena doet afstand van het wereldse leven: ze heeft haar parelketting en juwelen op de grond laten vallen. Ernaast staat de pot zalf waarmee ze altijd wordt afgebeeld. Maria Magdalena was tot inkeer gekomen na een zondig leven – ze waste de voeten van Jezus met haar tranen en zalfde ze.

In 591 versmolt paus Gregorius de Grote drie vrouwen uit het Nieuwe Testament tot de figuur van Maria Magdalena: de naamloze zondares die de voeten van Jezus zalft, de rijke erfgename Maria van Bethanië, en Maria van Magdala uit wie Christus zeven demonen verdreef. Hoewel de Franse humanist Jacques Lefèvre d’Etables in 1517-1519 trachtte om Maria Magdalena’s personage te isoleren van dat van de naamloze zondares, werd hier nauwelijks gehoor aan gegeven. De populariteit van de heiligenportretten van Maria Magdalena bewijst dat de oppositie van deugd en zonde standhield. 

12. David met het hoofd van Goliath (Davide con testa di Golia), 1610

Galleria Borghese

Men gaat ervan uit dat het hoofd van Goliath een portret van Caravaggio zelf is, en dat David een portret van de verjongde schilder is, waardoor dit schilderij een dubbel zelfportret is. Bovendien is het model waarschijnlijk hetzelfde model is als degene die poseerde voor Johannes de Doper.

David heeft een zwaard in zijn handen met een inscriptie H-AS OS, wat een afkorting is van de Latijnse uitdrukking “humilitas occidit superbiam” (“nederigheid doodt trots”).  David schakelt tussen een gevoel van walging en medelijden. De beslissing om hem af te schilderen als eerder peinzend dan triomfantelijk creëert een ongewone psychologische band tussen hem en Goliath.

Meest waarschijnlijk werd het in Napels geschilderd, na zijn vlucht volgend op de moord op Tomassoni, die plaatsvond op 29 mei 1606. Als het kunstwerk een geschenk was aan kardinaal Borghese, de pauselijke ambtenaar die het recht had om Caravaggio gratie te verlenen voor de moord, kan het ook worden geïnterpreteerd als een persoonlijk gratieverzoek.

By Burkhard Mücke – Own work, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=64506518

BONUS: Het Offer van Isaak (Il sacrificio di Isacco), 1603

De uitdrukking op het gezicht van Izaak is gespeend van elke verhevenheid. Hij is overduidelijk doodsbang. De engel komt net op tijd om te vertellen dat Abraham zijn godvrezendheid voldoende heeft getoond. Met zijn vinger wijst de engel op een alternatief offer: de ram (Genesis XXII, v. 12).

Caravaggio kiest ervoor om de figuur van de engel te vermenselijken door hem naast Abraham te plaatsen: een solide aanwezigheid die de pols van de oude man vastgrijpt met een sterke, strakke greep. Op de achtergrond ontvouwt zich een mediterraan heuvellandschap, in de stijl waarin Caravaggio werd opgeleid in Lombardije en Veneto.

Normaal hangt dit werk in Gli Uffizi in Firenze. Voor de tentoonstelling L’IMMAGINE SOVRANA. URBANO VIII E I BARBERINI in het Palazzo Barberini was het werk nu in Rome, in het Palazzo Barberini. Deze tentoonstelling vierde de 400ste verjaardag van de verkiezing van Maffeo Barberini tot paus Urbanus VIII.

Deze bonus moest helaas dienen als compensatie voor het gemis van een topwerk van het Barberini, dat op het moment van ons bezoek uitgeleend was aan het Minneapolis Institute of Art (Minnesota): Judith en Holofernes .